mennekensherman

Orde van het Gulden Masker

Brevet van Ridder

Mennekens Herman

geboren in Vilvoorde op 15 mei 1972

voorzitter Koninklijke Toneel- en Taalkring De Violier (Jette)

 

Beslissing van het Algemeen Kapittel van 31 januari 2015 - intronisatie op 18 februari 2016

 

 


toneelbezoek

18 februari 2016


Toespraak van Grootmeester Julien De Doncker


Vandaag zijn wij met zijn allen samengekomen om onze vriend, Herman Mennekens, op te nemen in de Orde van het Gulden Masker. Hem voorstellen, lijkt misschien wat overbodig. De naam alleen al spreekt boekdelen. Hij is namelijk de zoon van onze overleden ere-grootmeester Jef Mennekens en van wijlen ordegenoot, ridder Mimi Van Aenroyde. Cultuur, taalgebruik en theater werden hem met de paplepel opgegeven.

Daarenboven zit het ook verworteld in de genen. Zijn over-grootvader Jef mennekens, jeugdvriend van ridder honoris causa Herman Teirlinck, was de voorzitter-stichter van de Koninklijke Toneel- en Taalkring De Violier. Ook hij speelde met taal als zeer gewaardeerd dichter-schrijver. En hetgeen jullie misschien niet weten is dat onze toekomstige ridder “ HERMAN “ ook veel schrijftalent bezit. Graag laat ik jullie meegenieten van een fragment uit een ballade aan de Orde van het Gulden Masker dat hij een twintigtal jaar geleden creëerde. Het klinkt als volgt:


Ridder, wat is het wat jou drijft?

Wat maakt dat U, eens Ridder, het ook altijd blijft?

Wat is het dat Ridders op hun tochten

zelden vinden, maar immer zochten?

En toen sprak de Ridder:

“ Vriend, het leven gaat langs bergen,

maar ook langs diepe dalen………

Het zal veel moed en wilskracht vergen

om niet in wouden te verdwalen.

Het zal regenen in vlagen,

het zal donderen voor dagen!

Maar vriend, heb geen schroom, wees nooit bedeesd

want wij, Ridders, zijn nooit bang geweest.

En van Grootmeester tot knecht

allen zijn wij trouw en blijven wij gehecht

aan ons drievoudig ideaal:

De Orde, het Theater en onze Moedertaal !!”


Tot zover een stukje uit deze ballade. Een stukje dat onze Orde vandaag nog steeds typeert en volledig van toepassing blijft.

Het lijkt dus meer dan logisch, dat onze vriend Herman, de richting theater en het verenigingsleven heeft gevonden. Op vrij jonge leeftijd, en dat is hij nog steeds, werd hij ingeschakeld als auteur, acteur, begeleider en regisseur van De Violier, taak die hij heden nog steeds ter harte neemt. Door jarenlange inzet bleek dat integratie en taalgebruik eenvoudig kon ingevuld worden door toneelspel en ontspanning, of anders gezegd: al spelend de Nederlandse taal leren en beleven.

Wij beseffen maar al te best, beste Herman, dat de regio Brussel moeilijk is om gemotiveerde vrijwilligers te vinden. De juiste aanpak zal u daar zeker bij helpen. Het gezegde: “ Waar een wil is, is een weg “ is hier zeker van toepassing. Of om het misschien met de woorden van uw mama te zeggen: “VOESJ DOON “. Nooit niks laten vallen, want al wat valt ben je kwijt.

Uw integratie in onze ORDE, beste Herman, is de bekroning voor Uw jarenlange inzet en ondersteuning in en voor het culturele leven, en van het AMATEURTHEATER in het bijzonder. Het is nochtans verre van een eindpunt. Ik zou zelfs durven zeggen dat het kan beschouwd worden als een continuë uitdaging om het toneelgebeuren in de toekomst te blijven promoten. Met zijn allen moeten wij ervoor blijven zorgen dat het amateurtheater de uitstraling krijgt waar het recht op heeft. Bovendien moeten wij erop toezien dat het “Sociale Aspect“ niet verloren gaat, en de factor “KWALITEIT“ gegarandeerd blijft. Zowel acteur als toeschouwer moeten zich goed voelen en moeten zich geïntegreerd voelen in het geheel. Zoals u merkt, beste vriend, is uw intronisatie tot Ridder in de Orde van het Gulden Masker niet alleen een bekroning, maar omvat het ook een nieuwe opdracht. Laten wij met zijn allen proberen “TONEEL“ met plezier te beleven, en steeds voldoende aandacht te schenken aan kwaliteit, creativiteit en samenhorigheid.

Een goede start hiervoor is zeker het bijwonen van onze activiteiten, waarbij de vriendschapsbanden worden versterkt en ons sociaal leven een nieuwe positieve impuls krijgt. Wij zouden kunnen besluiten door te stellen: “BLIJF DE INGESLAGEN WEG VERDER VERVOLGEN EN WEES EEN VOLWAARDIG AMBASSADEUR” voor cultuurbeleving en voor het amateurtheater in het bijzonder.

Beste vriend Herman, geachte genodigden, bedankt voor jullie aandacht.


Toespraak van Griffier Roeland Vranken

Op 12 november 2014 besliste de Hoge Raad unaniem om de kandidatuur van Herman Mennekens voor te dragen aan het Kapittel.

Op 31 januari 2015 aanvaardde de Plenaire Vergadering deze, kandidatuur, ook met algemeenheid van stemmen.

Het is mijn taak als Griffier om uit te leggen op welke basis deze beslissing tot stand kwam. Om "het dossier" voor te leggen.

Ik ga dat straks doen.

Ik geef u eerst volgend historisch overzicht.

21 december 1908 - in 'De Spiegel', een verdwenen café in Jette, sticht overgrootvader Jef Mennekens toneelkring "De Violier".

1936. - grootvader Herman Mennekens volgt Jef senior op als voorzitter.

1950 - Jef Mennekens junior - vader van deze Herman - start als beroepsacteur bij de KVS.

15 mei 1972 - Herman Mennekens - deze Herman - wordt geboren.

29 mei 1976. - de vierjarige Herman ziet zijn vader Jef Mennekens tot 54ste Ridder slaan.

13 juni 1981 - Jef Mennekens wordt de tweede grootmeester van de Orde van het Gulden Masker. Herman is 9 jaar.

Tien jaar later. 26 januari 1991 - het Kapittel beslist dat Hermans' moeder Mimi Van Aenroyde, als 110de ooit, tot de Ridderstand zal worden verheven.

Meer dan 100 jaar lang is 'De Violier' niet weg te denken uit Jette. En omstreken. Meer dan 40 jaar daarvan kreeg Herman elke dag een druppelke toneelvirus ingelepeld.

Gelukkig staat in artikel 1 van ons Reglement van Inwendige Orde " De minimumleeftijd van de kandidaten bedraagt 40 jaar". Anders was Herman al 30 jaar geleden geridderd.

Nu toch heel even naar het dossier:

Herman speelde tientallen rollen, schreef theaterteksten en gedichten, is auteur van tientallen publicaties, redactionele bijdragen en artikels. Hij regisseerde, motiveerde, organiseerde en archiveerde. Hij is voorzitter, ondervoorzitter, bestuurslid of adviserend lid van tal van verenigingen.

Beste Herman, je hebt buitengewone diensten op gebied van amateurtoneel in Vlaams-Brabant en/of in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bewezen. In onze ordonnantiën staat dat je dan Ridder mag worden in de Orde van het Gulden Masker.

Ik ben ervan overtuigd dat je er niet bij gaat zitten. Dat je nog lang zal meedraaien in alles wat met theater te maken heeft. Je wordt vandaag de 173ste ridder, we rekenen erop dat ook jij zal bijdragen tot de uitstraling van onze Orde van het Gulden Masker.

En dan gaan we nu over tot de inwijding.


Toespraak van Ridder Herman Mennekens

Waarde Grootmeester,

Geachte Ridders,

Mijnheer de Minister-Ridder,

Mijnheer / Mevrouw de Volksvertegenwoordiger(s),

Mijnheer de Secretaris-generaal van de Liberale Mutualiteit van Brabant,

Mevrouw de adjunct-Secretaris-generaal van de Liberale Mutualiteit van Brabant,

Beste vrienden en vriendinnen,

Vooreerst wil ik u van harte danken om aanwezig te zijn op dit mooie, stijlvolle momentum. Het moet geleden zijn van de feestelijke voorstelling naar aanleiding van het 40-jarig bestaan van onze Violiertjes in 2012 dat we bij De Violier nog iets te vieren hadden ….

Iets langer geleden, eind 2008 vierden wij dan weer ons 100-jarig bestaan met de voorstelling van ‘Dunne sneetjes leven’, een reeks levenstaferelen van mijn hand, alsook met een druk bijgewoonde en bijwijlen emotionele academische zitting in het oud-gemeentehuis van Jette en een sfeervolle tentoonstelling in de bibliotheek. De festiviteiten werden afgerond met de publicatie van het prachtige beeldenboek ‘100 jaar De Violier’. Niets liet toen vermoeden dat onze fitte honderdjarige enige tijd later zowaar in winterslaap zou gaan…

Gelukkig kruiste ik het pad van Ruth Muylle, die trouw aan de vrije, schalkse geest van Mimi en haar Violiertjes, de kinderwerking nieuw leven inblies en zo weer tal van ketjes de kans gaf om het beste van zichzelf te geven. Haar geestdrift gaf gestalte aan een originele voorstelling in de lente van 2015. Ook dit seizoen is Ruth aan de slag met kinderen maar nu ook met ‘oefenkansers’, d.w.z. volwassenen die Nederlands leren en zo hun opgedane kennis op speelse en ongedwongen wijze, kunnen oefenen. Ik ben Ruth daar zeer dankbaar voor. Kortom, er is leven, er is hoop. En hoop doet, zoals u weet, ook leven.

Dames en heren,

Onze Grootmeester Julien De Doncker zal beamen dat mijn parcours naar het Ridderschap gepaard ging met veel schroom. Lange tijd voelde ik me daar niet klaar voor. Gelukkig kon ik daarbij steeds op het begrip en het geduld rekenen van de Orde, waarvoor mijn dank.

Ik bewaar – neen, ik koester – aan de Orde ontelbare herinneringen, voornamelijk uit mijn kindertijd en mijn jeugdjaren. Zo herinner me aanwezig te zijn geweest op tal van intronisaties in prachtige feest- en theaterzalen, ja zelfs eens in een heus kasteel (het kasteel van Boechout in Meise, nietwaar mijnheer de Griffier) en in gezellige gemeentehuizen en statige stadhuizen in Vlaams-Brabant en Brussel. In Leuven liep ik zelfs als kleine knaap (6/7 jaar), mee in de ceremoniële stoet in een passend, sierlijk ridderpakje. Dat was bij De Koninklijke toneelvereniging De Margriet, tevens Koninklijke hoofdrederijkerskamer van Brabant en Mechelen Het Kersouwken. En ik mocht mee op de foto die vervolgens in de krant verscheen. Onvergetelijk.

Ik herinner me ook de jaarlijkse banketten in Leuven, Vilvoorde, Strombeek, Dilbeek, … Het was de winterse traditie dat ik dan ergens bij het dessert een paar gedichten voordroeg (veelal van eigen makelij) of een passende toespraak hield. Ik herinner me ook ooit in Leuven dat één van die banketten zolang duurde dat mijn vader en ik tussen twee gangen ongezien de feestzaal verlieten om het museum voor schone kunsten te bezoeken dat zich aan de overkant van de straat bevond. Toen we terugkwamen, hadden we blijkbaar niets van de culinaire geneugten gemist en konden we onopgemerkt weer aanschuiven aan tafel. Zolang duurden die diners in mijn kinderogen …

En ik herinner me uiteraard ook tal van Ridders, allemaal met een indrukwekkende staat van dienst In het amateurtheater. Ridder Jeanne Struelens uiteraard. ‘Tante Jeanne’, die ondanks haar hoge leeftijd vol passie lange gedichten kon voorbrengen. Ridder en ‘knotsdrager’ André Van Canegem, jeugdvriend van mijn vader, een onvermoeibare moppentapper én sterkhouder van De Violier. Ridder Remy Libboton, de flamboyante Leuvenaar, die me begeesterend moed insprak bij het blokken. Pas veel later vernam ik dat Ridder Remy Libotton tijdens de Tweede Wereldoorlog ook een legendarische verzetsstrijder in het Leuvense was geweest, die de hel had gezien in het Fort van Breendonk. Een man met een gouden hart en een ijzersterk karakter. Er was de welbespraakte Ridder Wim Savenberg , alias Nonkel Wim voor de kinderen uit St.-Genesius-Rode en omstreken. Er was onze eigenste Ridder Godelieve Ragmey, een lieve, zachte vrouw met een levenslange passie voor theater (die ze overigens bij De Violier doorgaf aan haar dochter en Ridder Rita Ragmey, hier aanwezig). Ik herinner me uiteraard bij De Violier ook de feestelijke intronisaties van Jacqueline Verbruggen (aan wiens arm ik vandaag mocht aantreden) en van onze ondervoorzitter Bernard Vercammen, de man die niet alleen een begenadigd acteur en regisseur is, maar ook telkens weer in deze zaal wonderen verrichtte met de decorploeg, met Ronny Vanderstraeten, onze betreurde Maurice Wouters, Guido Van Canegem, Freddy, René, …

Ik herinner me de jaarlijkse uitreiking van de door de Ridders geschonken boekenpakketten voor alle – ja, alle - deelnemers aan de Jeugddagen van het Provinciaal Toneelverbond in Hoegaarden, Machelen, Jette, …. Een omvangrijke onderneming was dat, de samenstelling van die boekenpakketten, die weken voorbereiding vroeg ten huize Mennekens, te midden van de stapels boeken…

En ja, er waren ook mijn ouders. Vader-Grootmeester en mijn mama Ridder Mimi, die ons nog een laatste staaltje van haar begeesterend, oratorisch talent te horen gaf naar aanleiding van de intronisatie van Ridder Guy Vanhengel in de Abdij van Dielegem.

Voor mijn vader, van nature al een ernstige man, was het Ridderschap een zeer belangrijke aangelegenheid. Mijn vader was erg fier om Ridder en Grootmeester te zijn. Het stemde hem gelukkig en het bezorgde hem een soort inspirerende troost op minder goede dagen. Ik ben de Orde zeer dankbaar dat hem het Ere-Grootmeesterschap werd toegekend. Ik heb hem thuis uren en uren zien werken aan de voorbereiding van toepraken, vergaderingen, Kapittels en andere Ridderlijke bijeenkomsten.

Ik ben zeer fier om, in alle bescheidenheid, in de voetsporen van mijn ouders en van andere zonen en dochters van De Koninklijke Toneel- en Taalkring Violier te mogen treden.

Beste vrienden,

In de voorbije 20 jaar kon ik daarbij ook rekenen op de onvoorwaardelijke steun en het onpeilbare geduld van één iemand in het bijzonder. Een prachtvrouw en de moedige moeder van onze twee fantastische zonen. Een krachtvrouw die me altijd steunt en die me rechthoudt, die me aanmoedigt en ook raad geeft. Een vrouw die me de kracht geeft om voesj te doen. Ik dank u Anneke, voor al wat je voor mij blijvend betekent.

Dames en heren,

De overweging of mijn verdiensten buitengewoon te noemen zijn, laat ik liever aan anderen over. Ik heb 40 jaar lang een familiale passie mogen delen, waaraan ik de prachtigste herinneringen, een hechte vriendschap en zelfs de vrouw van mijn leven heb te danken.

Wat de toekomst zal brengen, kan ik u niet zeggen. Maar ik ben ervan overtuigd dat het feit om te worden opgenomen in een omgeving van door theater in mijn geliefde moedertaal geboeide mannen en vrouwen niet anders dan inspirerend kan zijn. En dat geeft sterkte en hoop.

Want hoop, dames en heren, is zoals de Tsjechische vrijheidsheld en toneelauteur Vaclav Havel het zo mooi verwoordde: ‘Hoop is niet de overtuiging dat iets goed komt, het is de zekerheid dat iets zinnig is, wat de gevolgen ook mogen zijn’.

Ik dank u voor uw aandacht.


ORDE VAN HET GULDEN MASKER

CONTACTADRES

Adres: Langeveldstraat 25, 1745 Opwijk

Email: willysegers1745@gmail.com

Mobiel: 0475 361 333

KOMENDE ACTIVITEIT


Pjeirefretterswandeling - 18 augustus 2019 - Vilvoorde

Hoge Raad - 30 september 2019 - Strombeek-Bever

De ezels van Breughel - 5 oktober 2019 - Dilbeek


Officiële website van de Orde van het Gulden Masker

BE45 3100 7360 3989 - BBRUBEBB

Willy Segers, Langeveldstraat 25, 1745 Opwijk - 0475 361 333

mail - web - webmaster - privacy

© Copyright. Alle rechten voorbehouden. Webdesign: Ongi Etorri